Om laagjes in je bladerdeeg te krijgen, moet je het toeren. Dat betekent dat je het deeg op een bepaalde manier (dubbel) moet vouwen. Hoe meer toeren, hoe meer laagjes er ontstaan. Maar tegelijkertijd geldt: hoe minder toeren, hoe meer ruimte de ontstane lagen nog hebben te ‘werken’ en dus hoe meer bladering.

Zoals bij al je bakwerk is het dus ook bij bladerdeeg belangrijk dat je je afvraagt hoe het eindresultaat eruit moet zien:

  • Wil je bros bladerdeeg met veel werking en laagjes, zoals voor een appelflap of croissants? Geef het bladerdeeg dan een ½ toer minder. En rol het niet te dun uit, want dan druk je de laagjes plat.
  • Wil je bladerdeeg met een gelijkmatiger bakaard en minder bladering, zoals voor een tompouce? Geef het bladerdeeg dan een ½ toer meer en rol het mooi dun uit.
Cursus bladerdeeg

Leren hoe je zelf het allerlekkerste bladerdeeg maakt onder begeleiding van het team van Robèrt? Geef je dan op voor onze themacursus Bladerdeeg.

  • 4 soorten bladerdeeg
  • Praktische tips & tricks
  • Kennis + oefening = vaardigheid
Wij gebruiken (analytische) cookies om ervoor te zorgen dat we u de beste ervaring op onze website kunnen bieden.